ECLI:NL:RVS:2019:3293
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening opschorting uitvoering uitspraak verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid had op 8 juli 2019 besloten om aanvragen van vreemdelingen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De rechtbank Den Haag verklaarde deze besluiten op 20 augustus 2019 gegrond, vernietigde ze en beval de staatssecretaris nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van de overwegingen in het vonnis.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak en verzocht de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter besloot dat de staatssecretaris de uitspraak van de rechtbank niet hoeft uit te voeren totdat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.
Hierdoor wordt de overdrachtstermijn opgeschort vanaf de dag na de bekendmaking van deze uitspraak. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter A. Kuijer op 30 september 2019.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft geen nieuwe besluiten te nemen totdat het hoger beroep is beslist.