ECLI:NL:RVS:2019:3125
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A. Hagen
- J. Hoekstra
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onbevoegdheid rechtbank inzake evenementenkalender burgemeester Zutphen
De burgemeester van Zutphen stelde op 30 januari 2018 de evenementenkalender vast. Appellant, wonend nabij evenementenlocaties, stelde beroep in tegen deze kalender wegens geluidshinder. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd omdat de kalender geen besluit met rechtsgevolg is. Appellant stelde hoger beroep in en voerde aan dat de kalender wel degelijk rechtsgevolg heeft, omdat vermelding op de kalender vrijwel altijd leidt tot vergunningverlening.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de vaststelling van de evenementenkalender geen besluit is in de zin van artikel 1:3 Awb Pro, omdat het geen publiekrechtelijke rechtshandeling betreft die rechtsgevolg heeft. Hoewel de kalender een eerste toetsing van evenementen bevat, is er geen onlosmakelijke samenhang met de vergunningverlening. Evenementen kunnen ook zonder vermelding op de kalender een vergunning krijgen, en vermelding op de kalender garandeert geen vergunning.
De kalender dient vooral om duidelijkheid te verschaffen aan organisatoren, omwonenden en hulpdiensten en om knelpunten tijdig te signaleren. De rechtbank was daarom terecht onbevoegd om het beroep te behandelen. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd dat de burgemeester niet heeft besloten in de zin van de Awb.