ECLI:NL:RVS:2019:3038
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- H.G. Sevenster
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boetes voor onrechtmatige vakantieverhuur zonder vergunning in Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde aan appellanten, eigenaren van een woning in Amsterdam, bestuurlijke boetes op wegens het zonder vergunning onttrekken van woonruimte aan de bestemming tot bewoning en het hotelmatig verhuren van de woning aan toeristen via Airbnb.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond en oordeelde dat zij als eigenaren verantwoordelijk zijn voor de overtredingen, omdat zij niet aannemelijk hadden gemaakt dat zij niet wisten of konden weten van het onrechtmatige gebruik. Appellanten voerden onder meer aan dat sprake was van een bed & breakfast waarvoor geen regels zouden gelden en dat zij geen kennis hadden van de verhuur aan toeristen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verwierp deze bezwaren. Zij oordeelde dat aan de voorwaarden voor een bed & breakfast niet was voldaan en dat appellanten als eigenaren gehouden zijn zich te informeren over het gebruik van hun pand. Ook was geen sprake van ongeoorloofde cumulatie van boetes, aangezien verschillende overtreders werden beboet.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de opgelegde bestuurlijke boetes van €13.500 aan appellanten wegens onrechtmatige vakantieverhuur zonder vergunning.