ECLI:NL:RVS:2019:2917
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verwijderingslast parkeerborden op openbaar parkeerterrein in Horn
Het college van burgemeester en wethouders van Leudal heeft bij besluit van 4 april 2017 de Vereniging van Eigenaren Staete Graaf van Horne gelast de op het parkeerterrein aan de Daalakkerstraat te Horn geplaatste parkeerborden te verwijderen. Dit omdat deze borden het openbare karakter van het terrein onrechtmatig beperken. Staete Graaf van Horne betwistte dat het terrein een openbare weg is, stellende dat het terrein niet gedurende de vereiste termijnen openbaar toegankelijk was en ook niet door de gemeente werd onderhouden.
De rechtbank Limburg oordeelde dat het terrein in ieder geval sinds 1985 als openbare parkeerplaats werd gebruikt, mede gelet op de aanwezigheid van een tandartspraktijk en een gymzaal, en dat het college daarom bevoegd was de last op te leggen. In hoger beroep bevestigt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dit oordeel. Het college heeft met aanvullende verklaringen aannemelijk gemaakt dat het terrein sinds 1985 openbaar toegankelijk is geweest.
De Raad van State acht het niet relevant dat het terrein in 1998 heringericht is en dat de omvang toen veranderde. Ook de door Staete Graaf van Horne overgelegde luchtfoto’s bieden onvoldoende bewijs dat parkeren toen niet mogelijk was. De Afdeling oordeelt dat het parkeerterrein onder artikel 4, eerste lid, aanhef en onder I, van de Wegenwet valt en dat het college terecht heeft gehandeld. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last tot verwijdering van de parkeerborden wordt bevestigd.