ECLI:NL:RVS:2019:2908
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- J.Th. Drop
- A. Kuijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen strafpunt op rijbewijs
In deze zaak staat centraal of de brief van de officier van justitie van 24 oktober 2017, waarin aan appellant wordt meegedeeld dat hij een eerste strafpunt op zijn rijbewijs heeft, kan worden aangemerkt als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Appellant was op 25 september 2017 veroordeeld voor rijden onder invloed, wat zijn eerste veroordeling betrof. De brief informeert over de recidiveregeling in artikel 123b van de Wegenverkeerswet 1994, die bij een tweede strafpunt leidt tot ongeldigverklaring van het rijbewijs. De hoofdofficier van justitie verklaarde het bezwaar van appellant tegen deze brief niet-ontvankelijk omdat het geen besluit betreft.
De rechtbank oordeelde dat de Awb niet van toepassing is op de tenuitvoerlegging van strafrechtelijke beslissingen en verklaarde het beroep ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat de brief wel een besluit is omdat zijn rechtspositie werd gewijzigd. De Raad van State oordeelde echter dat de brief slechts informeert over de wettelijke gevolgen van recidive en geen rechtsgevolgen in het leven roept. Daarom is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en wordt het hoger beroep ongegrond verklaard.
De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd met verbetering van de gronden. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.