ECLI:NL:RVS:2019:2202
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- C.M. Wissels
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit minister Defensie inzake verklaring van geen bezwaar veiligheidsmachtigingsniveau B
De minister van Defensie weigerde op 15 januari 2016 aan appellant een verklaring van geen bezwaar voor veiligheidsmachtigingsniveau B te verlenen en trok de eerder afgegeven verklaring voor niveau C in. Dit volgde op een hernieuwd veiligheidsonderzoek naar aanleiding van een onherroepelijke veroordeling van appellant wegens zware mishandeling in 2009. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, waarbij zij oordeelde dat de minister zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat onvoldoende waarborgen aanwezig waren voor het getrouwelijk vervullen van de vertrouwensfunctie.
Appellant stelde in hoger beroep dat de minister onvoldoende gewicht had toegekend aan het tijdsverloop sinds het strafbare feit en zijn onbesproken gedrag daarna, evenals aan de positieve zienswijze van zijn commandanten. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de minister deze aspecten onvoldoende had betrokken bij de heroverweging in bezwaar, waardoor het besluit niet voldeed aan het motiveringsvereiste van artikel 7:12 Awb Pro.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het besluit van 7 december 2016 en de uitspraak van de rechtbank, en bepaalde dat de minister een nieuw besluit op bezwaar moet nemen met inachtneming van de overwegingen in deze uitspraak. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit van de minister van Defensie wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit met inachtneming van de overwegingen van de Afdeling.