ECLI:NL:RVS:2019:1760
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Hoekstra
- B.J. Schueler
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Giethoorn wegens onvoldoende zorgvuldigheid bij Natura 2000 en recreatieve aanduidingen
De raad van de gemeente Steenwijkerland stelde op 17 oktober 2017 het bestemmingsplan 'Giethoorn' vast. Diverse appellanten, woonachtig en actief in Giethoorn, stelden beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het geschil op 5 februari 2019 en deed uitspraak op 29 mei 2019.
Appellanten sub 1 voerden aan dat de woonbestemming met bijgebouwen in achtererfgebieden leidt tot aantasting van het woon- en leefklimaat. De Afdeling oordeelde dat de raad zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat de verruiming van bouwmogelijkheden aanvaardbaar is en verklaarde dit beroep ongegrond.
Appellanten sub 2 betoogden dat de bedrijfsbestemming voor het perceel nabij Natura 2000-gebied De Wieden onzorgvuldig is vastgesteld, zonder voldoende onderzoek naar significante gevolgen. De Afdeling stelde vast dat de raad onvoldoende onderbouwing gaf over de toepassing van de exclaveringsformule en het ontbreken van een passende beoordeling, waardoor het besluit in strijd is met de Awb. Ook werd het cultuurhistorisch belang onvoldoende gemotiveerd. Dit beroep werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd voor dat plandeel.
Appellant sub 3 stelde dat de raad ten onrechte geen specifieke recreatieve aanduidingen had toegekend aan zijn perceel, wat zijn bedrijfsvoering schaadt. De Afdeling oordeelde dat het ontbreken van de aanduiding voor het gehele perceel niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid, waardoor ook dit deel van het besluit werd vernietigd. De raad werd opgedragen binnen gestelde termijnen een nieuw besluit te nemen. Tevens werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant sub 3.
De Afdeling verklaarde het beroep van appellanten sub 2 tegen het horeca-plandeel niet-ontvankelijk wegens ontbreken van belang. Het beroep van appellanten sub 1 werd ongegrond verklaard. De raad werd verplicht het griffierecht aan appellanten sub 2 en 3 te vergoeden.
Uitkomst: Het bestemmingsplan Giethoorn wordt gedeeltelijk vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid en motivering; de raad moet binnen termijnen een nieuw besluit nemen.