ECLI:NL:RVS:2019:1679
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- G.M.H. Hoogvliet
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsdocument gemeenschapsonderdaan wegens onvoldoende motivering
De vreemdeling, met de Indiase nationaliteit, vroeg om een verblijfsdocument als gemeenschapsonderdaan vanwege zijn minderjarige dochter met de Spaanse nationaliteit. De staatssecretaris wees de aanvraag in 2017 af omdat onvoldoende werd aangetoond dat de vreemdeling over voldoende middelen van bestaan beschikte. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank werd het besluit bevestigd.
In hoger beroep stelde de vreemdeling dat hij wel degelijk nieuwe feiten en veranderde omstandigheden had overgelegd, waaronder facturen, bankafschriften en een zorgverzekering, die aantonen dat hij zelfstandig werkt en voldoende inkomen heeft. De Afdeling oordeelde dat de staatssecretaris en rechtbank niet deugdelijk hadden gemotiveerd waarom deze stukken niet relevant waren en dat het horen van de vreemdeling in bezwaar onterecht was achterwege gebleven.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het eerdere vonnis en het besluit van de staatssecretaris, en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moet nemen waarbij de nieuwe feiten en veranderde omstandigheden worden betrokken en de vreemdeling wordt gehoord. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit waarbij de vreemdeling wordt gehoord.