ECLI:NL:RVS:2019:16
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- R. van der Spoel
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen
De zaak betreft het hoger beroep van [appellante], handelend onder de naam [bedrijf A], tegen een boetebesluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wegens overtredingen van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De minister had een boete van in totaal €10.250 opgelegd, waarvan later €1.500 werd vastgesteld voor overtreding van artikel 15 Wav Pro. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigt deze uitspraak.
De Raad oordeelt dat de staatssecretaris bevoegd was om de boete op te leggen omdat de overtreding op Nederlands grondgebied plaatsvond, namelijk op een schip in de haven van Rotterdam. De Raad bevestigt dat [appellante] als werkgever in de zin van de Wav kan worden aangemerkt, ondanks haar inspanningen om de vreemdeling de toegang te weigeren. Het controlesysteem faalde omdat het beveiligingsbedrijf de vreemdeling toegang gaf, waardoor de overtreding volledig aan [appellante] kan worden toegerekend.
Ten aanzien van de boete voor overtreding van artikel 15 Wav Pro oordeelt de Raad dat [appellante] niet verplicht was de identiteit van de vreemdeling vast te stellen en een afschrift daarvan te bewaren, omdat zij aannemelijk heeft gemaakt dat de vreemdeling geen arbeid voor haar mocht verrichten. Daarom wordt dit deel van de boete vernietigd. De boete wordt vastgesteld op €8.000. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Boete van €8.000 blijft gehandhaafd, boete voor overtreding artikel 15 Wav vervalt en proceskosten worden vergoed.