ECLI:NL:RVS:2019:1296
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- P.B.M.J. Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing voorlopige voorziening inzake gebruiksfunctie commerciële ruimte
Bij uitspraak van 17 augustus 2018 werd het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Hilvarenbeek van 16 januari 2018 geschorst voor zover het betrekking had op het in gebruik nemen van de commerciële ruimte op de eerste verdieping.
Verzoekers hebben bij brief van 4 februari 2019 verzocht deze voorlopige voorziening op te heffen, stellende dat de bouw van het pand vrijwel voltooid is en zij op grond van huurovereenkomsten het pand spoedig moeten kunnen gebruiken. Tevens verwijzen zij naar een gewijzigd besluit van 22 januari 2019 waarin de gebruiksfunctie is aangepast naar fitnesscentrum en fysiotherapie.
De voorzieningenrechter overweegt dat de schorsing voortduurt totdat deze op verzoek wordt opgeheven en dat het gewijzigde besluit niet automatisch de schorsing beëindigt. De ruimtelijke onderbouwing van het gewijzigde besluit is gebaseerd op de eerdere onderbouwing die uitgaat van commerciële ruimte zonder specifieke invulling. Hierdoor bestaat gerede twijfel over de ruimtelijke ordening bij de nieuwe gebruiksfunctie.
Gezien het voorlopige karakter van de voorziening en het feit dat de bodemprocedure spoedig zal worden behandeld, ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding om de schorsing op te heffen. Het verzoek wordt daarom afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van de voorlopige voorziening wordt afgewezen vanwege gerede twijfel over de ruimtelijke onderbouwing van het gewijzigde besluit.