ECLI:NL:RVS:2019:1070
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over weigering omgevingsvergunning uitbreiding horecagelegenheid
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht weigerde op 14 oktober 2016 een omgevingsvergunning voor de uitbreiding van een café naar de bovenwoning op een perceel in Utrecht, omdat dit in strijd was met het bestemmingsplan en gemeentelijk horeca- en woonbeleid. Na een bezwaarprocedure handhaafde het college het besluit. De rechtbank Midden-Nederland verklaarde het beroep van de appellant gegrond, vernietigde het besluit van 2 mei 2017, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand.
De appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college het beleid onjuist had geïnterpreteerd, met name de toepassing van het 'Ontwikkelingskader Horeca Utrecht 2012' (OHU 2012). Het college had ten onrechte het begrip 'direct naastgelegen pand' verkeerd uitgelegd en onvoldoende rekening gehouden met langdurige leegstand van een naastgelegen pand. Ook was het beleid 'Wonen boven winkels' onterecht als toetsingskader gebruikt.
De Afdeling vernietigde het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand liet en bevestigde de rest. Het college moet nu met inachtneming van deze uitspraak opnieuw beslissen op het bezwaar. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het college wordt opgedragen opnieuw te beslissen met correcte beleidsinterpretatie.