ECLI:NL:RVS:2018:751
Raad van State
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig besluit handhaving
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het college op een handhavingsverzoek van belanghebbende. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de ingebrekestellingen prematuur zouden zijn ingediend. Appellant betoogde dat de beslistermijn was verstreken en dat geen opschorting had plaatsgevonden.
De Afdeling oordeelt dat de rechtbank onjuist heeft geoordeeld dat de beslistermijn was opgeschort, omdat het college niet binnen acht weken een besluit of een verdagingsbeslissing heeft gegeven. De ingebrekestellingen waren derhalve niet prematuur. Echter, omdat het college op 8 november 2016 alsnog een besluit heeft genomen, had appellant geen belang meer bij het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
Verder verwerpt de Afdeling het verzoek van appellant om vaststelling van een dwangsom, omdat appellant niet de aanvrager van het besluit is. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd, zij het met een verbetering van de gronden.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het college inmiddels een besluit heeft genomen.