ECLI:NL:RVS:2018:708
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit college inzake handhaving zonder omgevingsvergunning overheaddeuren veldschuur
Appellante verzocht het college van burgemeester en wethouders van Deurne om handhavend op te treden tegen het zonder omgevingsvergunning realiseren van overheaddeuren in een veldschuur op een perceel te Liessel. Het college wees dit verzoek af, stellende dat het realiseren van de deuren vergunningsvrij was. De rechtbank oordeelde dat het college ongelijk had, maar dat het verzoek toch terecht was afgewezen vanwege het ontbreken van bewijs dat de deuren een overtreding vormden, mede doordat de originele bouwvergunning uit 1966 niet meer beschikbaar was.
Appellante betoogde dat de bouwvergunning uit 1966 was uitgewerkt en niet meer kon worden benut voor de huidige situatie, waardoor het realiseren van de deuren een overtreding is. De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat de veldschuur niet als hoofdgebouw of bijbehorend bouwwerk kan worden aangemerkt en dat de plaatsing van de overheaddeuren niet vergunningsvrij is. Het college was daarom wel bevoegd om handhavend op te treden.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, verklaarde het beroep gegrond en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Hiermee is het college verplicht om alsnog handhavend op te treden tegen de plaatsing van de overheaddeuren zonder vergunning.
Uitkomst: Het besluit van het college om niet handhavend op te treden tegen het zonder vergunning realiseren van overheaddeuren wordt vernietigd en het college wordt veroordeeld tot handhaving en vergoeding van proceskosten.