ECLI:NL:RVS:2018:4245
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke handhaving tegen strijdig gebruik perceel voor paardenhouderij te Wassenaar
Het college van burgemeester en wethouders van Wassenaar legde aan appellant een last onder dwangsom op wegens het houden van paarden en aanverwante activiteiten op een perceel, wat in strijd was met het bestemmingsplan "Oostdorp-Hoge Klei 2013". Appellant voerde aan dat het houden van paarden hobbymatig was en dat het college ten onrechte geen vooraankondiging van de last onder dwangsom had gedaan, waardoor hij niet in de gelegenheid was gesteld een zienswijze in te dienen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het college ten onrechte afzag van het geven van een zienswijze, hoewel appellant hierdoor niet in zijn belangen was geschaad. Verder oordeelde de Afdeling dat de rechtbank ten onrechte inhoudelijke beroepsgronden buiten beschouwing had gelaten en besloot deze alsnog inhoudelijk te beoordelen.
De Afdeling bevestigde dat het perceel was bestemd voor grondgebonden agrarische bedrijven en dat het houden van paarden, ook hobbymatig, geen toegestane nevenactiviteit is binnen het bestemmingsplan. Het college had terecht gehandhaafd omdat geen sprake was van een agrarische bedrijfsvoering en het gebruik tot overlast kan leiden. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het beroep bij de rechtbank ongegrond, en het college werd verplicht het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het college handhaaft de last onder dwangsom wegens strijdig gebruik van het perceel.