ECLI:NL:RVS:2018:4030

Raad van State

Datum uitspraak
12 december 2018
Publicatiedatum
12 december 2018
Zaaknummer
201809271/1/A1
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek om voorlopige voorziening inzake bestuursdwang op perceel Burgemeester Niemeijerstraat 4 te Staphorst

Op 12 december 2018 heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan in een zaak tussen Recycling Staphorst-Meppel B.V. en het college van burgemeester en wethouders van Staphorst. Het verzoek van Recycling Staphorst en anderen om een voorlopige voorziening te treffen, werd ingediend naar aanleiding van een besluit van het college van 2 november 2018, waarin zeer spoedeisende bestuursdwang werd aangekondigd op het perceel Burgemeester Niemeijerstraat 4 te Staphorst. Dit besluit werd op 3 december 2018 ingetrokken door het college, waardoor het verzoek om voorlopige voorziening zijn spoedeisend belang verloor.

De voorzieningenrechter heeft op 28 november 2018 de zaak behandeld, waarbij de verzoekers werden bijgestaan door hun advocaat, mr. A. Kwint-Ocelíková. Het college werd vertegenwoordigd door mr. S. de Wijs, F. Bakker en mr. ing. E. Bruin. De rechter overwoog dat, aangezien het besluit van 2 november 2018 was ingetrokken, er geen spoedeisend belang meer bestond voor het treffen van een voorlopige voorziening. De rechter merkte op dat eventuele schade die door de verzoekers werd gesteld, niet in deze procedure kon worden beoordeeld en dat het college in de bezwaarprocedure op deze schade diende te beslissen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en het college van burgemeester en wethouders van Staphorst veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de verzoekers, tot een bedrag van € 1.002,00, en het griffierecht van € 338,00. De uitspraak werd openbaar uitgesproken op dezelfde datum.

Uitspraak

201809271/1/A1.
Datum uitspraak: 12 december 2018
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek van Recycling Staphorst-Meppel B.V. en anderen, gevestigd te Staphorst, om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
verzoekers,
en
het college van burgemeester en wethouders van Staphorst,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 2 november 2018, verzonden op 8 november 2018, heeft het college zijn beslissing om zeer spoedeisende bestuursdwang op het perceel Burgemeester Niemeijerstraat 4 te Staphorst en enkele naastgelegen percelen toe te passen op schrift gesteld. Daarbij is gemeld dat de kosten op de geadresseerden worden verhaald.
Tegen dit besluit hebben Recycling Staphorst en anderen bezwaar gemaakt. Recycling Staphorst en anderen hebben de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 28 november 2018, waar Recycling Staphorst en anderen, vertegenwoordigd door [gemachtigde], bijgestaan door mr. A. Kwint-Ocelíková, advocaat te Groningen, en het college, vertegenwoordigd door mr. S. de Wijs, F. Bakker en mr. ing. E. Bruin, zijn verschenen.
Bij besluit van 3 december 2018 heeft het college het besluit van 2 november 2018 ingetrokken. Bij brief van 6 december 2018 hebben Recycling Staphorst en anderen daarop gereageerd.
Overwegingen
1.    Het verzoek om voorlopige voorziening strekt tot schorsing van het besluit van 2 november 2018. Bij het besluit van 3 december 2018 heeft het college het besluit van 2 november 2018 ingetrokken. Gelet hierop hebben Recycling Staphorst en anderen geen (spoedeisend) belang meer bij een voorlopige voorziening. Voor zover Recycling Staphorst en anderen hebben gesteld dat zij, gelet op de door haar gestelde onrechtmatigheid van het besluit van 2 november 2018 en de in verband daarmee door haar gestelde schade, belang hebben bij een oordeel over dit besluit, overweegt de voorzieningenrechter dat een oordeel over die schade een spoedeisend belang ontbeert en dat de voorlopige voorzieningenprocedure zich ook niet leent voor een oordeel daarover. Het college dient te beslissen op het door Recycling Staphorst en anderen gemaakte bezwaar en kan in dat kader ingaan op de door Recycling Staphorst en anderen gestelde schade.
2.    Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
3.    Gelet op het voorgaande, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om het college op na te melden wijze in de proceskosten te veroordelen.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I.    wijst het verzoek af;
II.    veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van Staphorst tot vergoeding van bij Recycling Staphorst-Meppel B.V. en anderen in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.002,00 (zegge: duizendtwee euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, met dien verstande dat bij betaling van genoemd bedrag aan een van hen het college van burgemeester en wethouders van Staphorst aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan;
III.    gelast dat het college van burgemeester en wethouders van Staphorst aan Recycling Staphorst-Meppel B.V. en anderen het door hen voor de behandeling van het verzoek betaalde griffierecht ten bedrage van € 338,00 (zegge: driehonderdachtendertig euro) vergoedt, met dien verstande dat bij betaling van genoemd bedrag aan een van hen het college van burgemeester en wethouders van Staphorst aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan.
Aldus vastgesteld door mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillessen, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. L.C.M. Smulders-Wijgerde, griffier.
w.g. Van der Beek-Gillessen    w.g. Smulders-Wijgerde
voorzieningenrechter    griffier
Uitgesproken in het openbaar op 12 december 2018
672.