ECLI:NL:RVS:2018:3897
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over kinderopvangtoeslag en toeslagpartnerschap
De Belastingdienst/Toeslagen stelde de kinderopvangtoeslag over 2015 definitief vast en vorderde een bedrag van €8.294,00 terug wegens teveel ontvangen voorschotten. De rechtbank oordeelde dat de ex-partner ten onrechte als toeslagpartner was aangemerkt omdat haar feitelijke woonadres afweek van het in de Basisregistratie Personen (BRP) geregistreerde adres.
De Belastingdienst stelde in hoger beroep dat de wettelijke regeling (Awir en Uitvoeringsregeling) alleen de BRP-inschrijving als maatstaf hanteert en dat terugwerkende kracht aan een inschrijving alleen mogelijk is indien sprake is van een juiste inschrijving. Omdat de ex-partner nooit op het feitelijke adres in de BRP was ingeschreven, kon geen afwijking worden gemaakt.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte van een ruimere uitleg was uitgegaan en bevestigde dat de Belastingdienst terecht de BRP-inschrijving als uitgangspunt nam. Het beroep van de wederpartij werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de wederpartij wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.