ECLI:NL:RVS:2018:3292
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onbevoegdverklaring rechtbank wegens ontbreken belanghebbende bij handhavingsverzoek minicampings
De Kaasboerderij heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere verzocht handhavend op te treden tegen het buiten het bouwvlak plaatsen van bouwwerken op minicampings in de gemeente Veere. Dit verzoek was niet gespecificeerd naar concrete overtredingen of specifieke minicampings, behalve een lijst van circa dertig minicampings zonder nadere concretisering.
De rechtbank verklaarde zich onbevoegd om kennis te nemen van het beroep tegen het niet tijdig beslissen op dit handhavingsverzoek, omdat de Kaasboerderij niet als belanghebbende kon worden aangemerkt. De rechtbank oordeelde dat het verzoek geen aanvraag in de zin van de Awb was en dat er geen besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro was genomen of geweigerd.
In hoger beroep betoogde de Kaasboerderij dat zij wel degelijk belanghebbende is vanwege haar concurrentiebelang, aangezien zij in hetzelfde marktsegment en verzorgingsgebied actief is. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat een concurrent slechts belanghebbende is als het belang rechtstreeks bij het besluit is betrokken en dat de Kaasboerderij onvoldoende had geconcretiseerd welke concrete overtredingen er waren en hoe haar belang rechtstreeks werd geraakt.
De Afdeling concludeerde dat de Kaasboerderij niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij door het te nemen besluit rechtstreeks in haar belang wordt geraakt. Daarom bevestigde de Raad van State de uitspraak van de rechtbank dat de Kaasboerderij niet als belanghebbende kan worden aangemerkt en dat het beroep ongegrond is.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de Kaasboerderij geen belanghebbende is en verklaart het hoger beroep ongegrond.