ECLI:NL:RVS:2018:3280
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor onttrekking woning aan bewoning in strijd met Huisvestingswet
Appellant was eigenaar van een woning die hij verhuurde via Airbnb, terwijl hij niet meer op het adres stond ingeschreven. Het college legde hem een bestuurlijke boete op wegens overtreding van artikel 30 van Pro de Huisvestingswet, omdat de woning aan de bestemming tot bewoning was onttrokken.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde dit oordeel. Appellant voerde aan dat de wettelijke grondslag ontbrak en dat hij wel degelijk zijn hoofdverblijf had op het adres, maar slaagde hier niet in.
De Afdeling oordeelde dat het college bevoegd was de boete op te leggen en dat appellant onvoldoende bewijs leverde dat hij zijn hoofdverblijf op het adres had. De inschrijving in de basisregistratie personen op een ander adres vormde een vermoeden dat hij niet meer woonde op het betreffende adres. De boete werd daarom bevestigd.
Uitkomst: De bestuurlijke boete van €12.000 wegens onttrekking van de woning aan de bestemming tot bewoning wordt bevestigd.