ECLI:NL:RVS:2018:3122
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging huisverbod en verlenging wegens ernstig gevaar voor veiligheid gezin
De burgemeester legde appellant een huisverbod op van tien dagen, gevolgd door een verlenging van achttien dagen, vanwege een ernstig en onmiddellijk gevaar voor de veiligheid van zijn echtgenote en kinderen. Dit huisverbod volgde op meldingen van mishandeling en eerdere incidenten binnen het gezin.
Appellant betoogde dat het huisverbod onterecht was omdat het alleen steunde op verklaringen van zijn echtgenote en dat hulpverleners geen eerdere meldingen hadden gedaan. De Raad van State oordeelde dat het huisverbod terecht was opgelegd, mede gelet op eerdere huisverboden en de betrokkenheid van hulpverleners die ernstige zorgen uitten.
Ook de verlenging van het huisverbod werd bevestigd, ondanks het verweer van appellant dat bemiddeling via familieleden gebruikelijk is in zijn cultuur. De Raad van State vond dat appellant het contactverbod had overtreden en dat de dreiging van gevaar voortduurde.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het huisverbod met verlenging blijft van kracht.