ECLI:NL:RVS:2018:3083
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit vreemdeling
Bij besluit van 21 oktober 2016 wees de staatssecretaris het verzoek van de vreemdeling af om uitzetting achterwege te laten op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Na bezwaar en beroep verklaarde de rechtbank het beroep gegrond en vernietigde het besluit, met de opdracht aan de staatssecretaris om binnen zes weken een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen die hem vrijstelt van het uitvoeren van de uitspraak van de rechtbank totdat het hoger beroep is beslist. De vreemdeling gaf een schriftelijke reactie.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de belangen van beide partijen geen aanleiding geven om een voorlopige voorziening te treffen en wees het verzoek van de staatssecretaris af. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, toe te rekenen aan professionele rechtsbijstand.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.