ECLI:NL:RVS:2018:2904
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- F.D. van Heijningen
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Oosterhout-Zuid 2017 vanwege onjuiste externe veiligheidsbeoordeling
De raad van de gemeente Oosterhout stelde op 16 mei 2017 het bestemmingsplan "Oosterhout-Zuid 2017" vast, waarbij onder meer de oostelijke zijde van het pand van appellante de bestemming "Bedrijf" kreeg. Appellante stelde beroep in omdat zij wenste dat dit deel de bestemming "Detailhandel-2" zou krijgen, met name voor een meubelzaak met showroom en magazijn. De raad wees dit af op grond van het groepsrisico vanwege een nabijgelegen LPG-tankstation, waarbij een hogere personendichtheid bij detailhandel werd aangenomen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de raad onvoldoende had gemotiveerd waarom de hogere personendichtheid bij de gewenste bestemming zou leiden tot een ontoelaatbare toename van het groepsrisico. De raad ging uit van een kengetal van 1 persoon per 40 m² voor detailhandel, terwijl appellante aannemelijk maakte dat voor volumineuze detailhandel zoals een meubelzaak een kengetal van 1 persoon per 100 m² passend is. Ook was onvoldoende onderbouwd waarom eerdere vergunningen en bestemmingsplannen, waarbij externe veiligheid geen belemmering vormde, nu anders moesten worden beoordeeld.
De Afdeling verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestemmingsplan voor het betreffende deel en droeg de raad op binnen 26 weken een nieuw besluit te nemen. Tevens werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt vernietigd voor het oostelijke deel van het pand wegens onvoldoende motivering omtrent externe veiligheid en groepsrisico.