ECLI:NL:RVS:2018:2826
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- R. van der Spoel
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vaststelling staatloosheid en nationaliteit Fayli-Koerden afgewezen in asielprocedure
De vreemdeling, afkomstig uit Iran en stellende staatloos te zijn, vroeg om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris wees de aanvraag af, omdat hij de staatloosheid ongeloofwaardig achtte en uitging van de Iraakse nationaliteit van de vreemdeling en zijn ouders, die tot de groep Fayli-Koerden behoren. De rechtbank oordeelde echter dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd waarom de staatloosheid niet geloofwaardig zou zijn en vernietigde het besluit.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en verwees naar diverse ambtsberichten waarin wordt gesteld dat Fayli-Koerden die hun Iraakse nationaliteit waren ontnomen, deze kunnen herkrijgen. De Raad van State overwoog dat de staatssecretaris terecht aannam dat de vreemdeling en zijn ouders de Iraakse nationaliteit hebben of kunnen herkrijgen, mede omdat de vreemdeling nooit heeft geprobeerd deze nationaliteit te verkrijgen.
De Raad stelde vast dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris zijn standpunt onvoldoende had gemotiveerd. De persoonlijke omstandigheden van de vreemdeling boden geen reden om aan te nemen dat hij staatloos is. De Raad verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verwees de zaak terug voor herbehandeling en beslissing met inachtneming van de overwegingen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen.