ECLI:NL:RVS:2018:2659
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- D.J.C. van den Broek
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en bevestiging handhaving LPG-installatie tankstation Uden
Het college van burgemeester en wethouders van Uden legde aan de exploitant van een tankstation een last onder dwangsom op om de LPG-installatie binnen drie maanden te verwijderen, omdat deze in strijd zou zijn met voorschrift 8 van de vergunning van 13 november 2014. De exploitant stelde dat de vergunning een veranderingsvergunning was en dat eerdere vergunningen uit 1990 en 1991 niet waren vervallen, waardoor het verbod onterecht was.
De rechtbank oordeelde dat het college het bezwaar ten onrechte had afgewezen en dat de vergunning een veranderingsvergunning was, waardoor de eerdere vergunningen bleven gelden. De rechtbank vernietigde het besluit en bepaalde dat het college een nieuw besluit moest nemen.
In hoger beroep stelde de Raad van State vast dat de vergunning van 13 november 2014 een revisievergunning is, waardoor de eerdere vergunningen uit 1990 en 1991 zijn vervallen. Het college heeft het handhavingsbesluit terecht genomen en het beroep van de exploitant faalt. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, het beroep ongegrond verklaard en het dwangsombesluit met terugwerkende kracht geschorst tot drie maanden na verzending van het arrest.
Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten aan de appellant en het griffierecht wordt terugbetaald. Hiermee wordt de handhaving van het verbod op de LPG-installatie bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de exploitant ongegrond, waardoor het college handhavend mag optreden tegen de LPG-installatie.