ECLI:NL:RVS:2018:2629
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bestemmingplan Woongebied West Beverwijk: terrassen en detailhandel
De gemeente Beverwijk stelde op 19 december 2017 het bestemmingsplan 'Woongebied West' vast, dat onder meer het gebruik van parkeerplaatsen als terrassen voor horeca mogelijk maakt en functies zoals detailhandel binnen de bestemming 'Gemengd' handhaaft. Appellanten, bewoners en eigenaren binnen het plangebied, maakten bezwaar vanwege vrees voor overlast.
De raad stelde dat het beroep slechts ontvankelijk was voor de gewijzigde onderdelen ten opzichte van het ontwerpplan, omdat appellanten hun zienswijze te laat hadden ingediend. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellanten niet tijdig zienswijzen hadden ingebracht en dat er geen verschoonbare omstandigheden waren, waardoor het beroep voor een deel niet-ontvankelijk werd verklaard.
Inhoudelijk oordeelde de Afdeling dat de wijzigingen ten opzichte van het ontwerpplan niet zodanig ingrijpend waren dat een nieuw ontwerpplan ter inzage had moeten worden gelegd. De raad had zich redelijkerwijs op het standpunt kunnen stellen dat het plan, met behoud van het bestaande beleid inzake detailhandel, strekte tot een goede ruimtelijke ordening. Het beroep werd voor het overige ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak bevestigt de beleidsruimte van de gemeente bij het vaststellen van bestemmingsplannen en benadrukt het belang van tijdige zienswijzen in bestuursrechtelijke procedures.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard wegens te late zienswijzen en voor het overige ongegrond verklaard, waardoor het bestemmingsplan in stand blijft.