ECLI:NL:RVS:2018:2161
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- A.B.M. Hent
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en afwijzing beroep vreemdeling tegen terugkeerbesluit
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 13 maart 2018 een terugkeerbesluit genomen waarbij de vreemdeling werd opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en in vreemdelingenbewaring werd gesteld. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die het beroep gegrond verklaarde, het terugkeerbesluit vernietigde en schadevergoeding toekende.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling overwoog dat een eerder in een andere lidstaat ingediend verzoek om internationale bescherming het gebruik van de terugkeerprocedure niet in de weg staat, conform een eerdere uitspraak (ECLI:NL:RVS:2018:1911). Op grond hiervan werd het hoger beroep gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Vervolgens verklaarde de Afdeling het beroep van de vreemdeling tegen het terugkeerbesluit alsnog ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 28 juni 2018 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.