ECLI:NL:RVS:2018:202
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A. Hagen
- H.G. Lubberdink
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vermindering bestuurlijke boete voor onrechtmatig voeren titel psychotherapeut
De minister van Volksgezondheid legde aan [wederpartij] een bestuurlijke boete op van €2.546,00 omdat zij op haar website de titel psychotherapeut voerde zonder bevoegdheid, terwijl zij niet was ingeschreven in het BIG-register. De rechtbank oordeelde dat zij niet in overtreding was omdat zij haar beroepsuitoefening per 1 januari 2013 had gestaakt en geen nieuwe patiënten had, en vernietigde het boetebesluit.
De minister ging in hoger beroep en stelde dat het voeren van de titel op zichzelf een overtreding vormt, ongeacht daadwerkelijke beroepsuitoefening. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de minister terecht de boete oplegde, omdat het voeren van de beschermde titel zonder inschrijving verboden is, ook zonder daadwerkelijke beroepsuitoefening.
Wel matigde de Afdeling de boete tot 50% vanwege de beperkte ernst, aangezien [wederpartij] geen patiënten meer behandelde in de relevante periode en haar website inmiddels was verwijderd. De Afdeling veroordeelde de minister tevens tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Hiermee werd het hoger beroep gegrond verklaard en het eerdere vonnis van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wegens het onrechtmatig voeren van de titel psychotherapeut wordt gematigd tot €1.273,00.