ECLI:NL:RVS:2018:1887
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling bestemmingsplan Buitengebied Epe met diverse beroepen tegen planregels en bestemmingen
Het bestemmingsplan "Buitengebied Epe" is vastgesteld op 23 maart 2017 door de raad van de gemeente Epe en omvat het buitengebied van de gemeente. Diverse appellanten, waaronder particulieren, stichtingen en bedrijven, hebben beroep ingesteld tegen onderdelen van het plan. De beroepen betreffen onder meer bouwmogelijkheden van woningen, agrarische bestemmingen, het gebruik van recreatiewoningen, natuur- en milieubescherming, en de bestemming van horecagelegenheden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de beroepen inhoudelijk beoordeeld. Zo is het beroep van een appellant tegen het ontbreken van een specifieke bouwaanduiding "villa" ongegrond verklaard, omdat de raad de belangen zorgvuldig heeft afgewogen en een inhoudsmaat van 750 m³ passend acht. Een ander beroep over de verkleining van een bouwvlak voor een agrarisch bedrijf is eveneens ongegrond, omdat het bedrijf niet voldoet aan de criteria voor een volwaardig agrarisch bedrijf.
Een beroep over het ontbreken van een spuitvrije zone bij een boomkwekerij wordt gegrond verklaard, omdat de raad onvoldoende rekening heeft gehouden met gezondheidsrisico's voor de omwonenden. Ook het beroep van Campingpark de Koekamp over de bestemming van een horecagelegenheid en een woning wordt deels gegrond verklaard; de horecagelegenheid is niet als zelfstandige horeca bestemd en de woning is ten onrechte niet als burgerwoning bestemd.
Verder zijn beroepen van eigenaren van recreatieparken De Vliegden en De Eper Sprengen gegrond verklaard, omdat de eis van bedrijfsmatige exploitatie en het verbod op het gebruik als tweede woning niet in overeenstemming zijn met een goede ruimtelijke ordening en onvoldoende zijn gemotiveerd. Het plan wordt op deze punten vernietigd.
Andere beroepen, zoals die van Stichting Gebiedsgroep over Natura 2000 en fijnstof, worden ongegrond verklaard. De Afdeling benadrukt dat het plan in overeenstemming is met de Wet natuurbescherming en dat de raad voldoende onderzoek heeft gedaan naar milieueffecten.
De Afdeling heeft de raad opgedragen het plan op de gegrond verklaarde punten te herzien en heeft de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de gegronde appellanten.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt deels vernietigd wegens strijd met goede ruimtelijke ordening en onvoldoende motivering op punten als spuitvrije zone, woningbestemming en bedrijfsmatige exploitatie van recreatiewoningen.