ECLI:NL:RVS:2018:1877
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak inzake gegevensverstrekking door SVB aan Belastingdienst en vervolgprocedure
Appellant verzocht de Sociale Verzekeringsbank (SVB) om informatie over de persoonsgegevens van zijn dochter die aan de Belastingdienst/Toeslagen zijn verstrekt en om verwijdering van deze gegevens. De SVB verstrekte een startbericht als wettelijke grondslag, en wees het verzoek tot verwijdering af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat de SVB aan haar informatieplicht had voldaan en het bezwaar terecht was afgewezen.
In hoger beroep stelde appellant dat de rechtbank ten onrechte niet had onderkend dat de motivering van de SVB was gewijzigd bij het besluit op bezwaar, en dat daardoor de besluitvorming onrechtmatig was. Tevens stelde hij dat de SVB ten onrechte de bandopname van de hoorzitting niet had verstrekt. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat de motivering mocht worden aangevuld en dat er geen verplichting was tot verstrekking van de bandopname.
Appellant voerde aan dat het systeem van gegevensverstrekking onrechtmatig was en dat zijn verzoek tot verwijdering ten onrechte was afgewezen. De Afdeling stelde vast dat het bezwaar tegen de afwijzing van het verwijderingsverzoek een primair besluit betrof waartegen een bezwaarprocedure had moeten worden gevoerd, maar dat de rechtbank dit bezwaar niet had doorgezonden aan de SVB. Hierdoor is het hoger beroep gegrond verklaard en is het bestreden deel van de uitspraak vernietigd.
De SVB is opgedragen alsnog een besluit te nemen op het bezwaar van appellant over het verwijderingsverzoek, rekening houdend met de Algemene verordening gegevensbescherming die op 25 mei 2018 in werking trad. Verder is de SVB veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en wordt het betaalde griffierecht aan appellant terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het bestreden deel van de uitspraak vernietigd; de SVB moet een nieuw besluit nemen op het bezwaar van appellant.