ECLI:NL:RVS:2018:1804
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A.C. Slump
- A.W.M. Bijloos
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vereniging faalt in beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens te laat bezwaar Participatiefonds
De Rotterdamse Vereniging voor Katholiek Onderwijs diende tegen besluiten van het Participatiefonds beroep in nadat haar verzoeken om vergoeding van werkloosheidsuitkeringen waren afgewezen. Deze besluiten betroffen de beëindiging van dienstverbanden van meerdere personen. De vereniging maakte bezwaar, maar dit was te laat ingediend. Het Participatiefonds verklaarde de bezwaren daarom niet-ontvankelijk.
De vereniging stelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege een hectische verhuizing en de overgang naar nieuwe administratiesystemen, waardoor de postbehandeling chaotisch verliep. De Raad van State oordeelde echter dat het de eigen verantwoordelijkheid van de vereniging was om de administratie op orde te houden, ook tijdens de verhuizing. Het ontbreken van onwil maakte dit niet anders.
Verder wees de Raad van State het beroep af dat het Participatiefonds onvoldoende belangen had afgewogen bij de niet-ontvankelijkverklaring. Volgens vaste rechtspraak biedt artikel 6:11 Awb Pro geen ruimte voor belangenafweging bij niet-verschoonbare termijnoverschrijding. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en inhoudelijke beoordeling van de besluiten bleef achterwege.
Uitkomst: De beroepen van de vereniging worden ongegrond verklaard wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.