ECLI:NL:RVS:2018:1776
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- A.B.M. Hent
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking verklaring van geen bezwaar wegens veiligheidsrisico
Appellant was aangemeld voor een vertrouwensfunctie op Schiphol waarvoor een verklaring van geen bezwaar was afgegeven na een veiligheidsonderzoek. Later trok de minister deze verklaring in op grond van een nieuw veiligheidsonderzoek dat twijfels opriep over de loyaliteit en mogelijke ongewenste beïnvloeding van appellant.
Appellant stelde dat de intrekking onvoldoende was gemotiveerd, dat zijn belangen niet waren meegewogen, dat sprake was van discriminatie en dat het beginsel van fair play en het verdedigingsbeginsel waren geschonden. De minister baseerde zijn besluit op een vertrouwelijk AIVD-onderzoek en de Leidraad persoonlijke omstandigheden en gedragingen.
De Afdeling oordeelde dat de minister voldoende had gemotiveerd dat appellant een bovengemiddelde kans liep benaderd te worden door personen die een bedreiging vormen voor de nationale veiligheid. De belangenafweging was correct en het discriminatieverbod niet geschonden. De rechter had toegang tot de geheime stukken en kon daardoor een volledige toetsing uitvoeren, waardoor het fair play-beginsel en het verdedigingsbeginsel niet waren geschonden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de verklaring van geen bezwaar aan appellant wordt bevestigd wegens onvoldoende waarborgen voor het vervullen van de vertrouwensfunctie.