ECLI:NL:RVS:2018:1440
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bestuursdwang en kostenoplegging inzake onjuist aangeboden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag legde appellant kosten op voor het toepassen van spoedeisende bestuursdwang vanwege het aanbieden van huishoudelijk afval in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010. Appellant werd aangewezen als overtreder omdat een plastic tas met een adresdrager met zijn naam en adresgegevens naast een ondergrondse restafvalcontainer werd aangetroffen.
Appellant betoogde dat hij het poststuk in de tas niet had ontvangen en vermoedde dat het onjuist was bezorgd, aangezien het ongeopend was en hij het vakblad altijd leest en bewaart. Ook wees hij op de onlogische afstand van ongeveer 900 meter tussen zijn woning en de vindplaats van de tas, terwijl huisvuil op zijn adres wekelijks huis-aan-huis wordt ingezameld.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de plastic tas tot appellant kon worden herleid, maar dat dit niet automatisch betekent dat hij de overtreder is. Gezien de omstandigheden achtte de Afdeling het niet aannemelijk dat appellant de tas had aangeboden. Daarom werd het besluit tot kostenoplegging vernietigd, het besluit tot bestuursdwang herroepen en het griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot kostenoplegging bestuursdwang wordt vernietigd en herroepen.