ECLI:NL:RVS:2018:1328
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- C.J. Borman
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning zelfstandige met gewijzigde vennootschap
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 15 juli 2014 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd af. De vreemdeling wilde als zelfstandige vennoot bij een restaurant werkzaam zijn. Na bezwaar handhaafde de staatssecretaris het besluit. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, omdat de staatssecretaris onzorgvuldig had gehandeld door het advies van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RvO) niet af te wachten na een wijziging in de vennootschap.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de twee positieve adviezen waar de rechtbank zich op baseerde niet vergelijkbaar waren met de huidige situatie, omdat de vreemdeling geen aangepast ondernemingsplan of nieuwe stukken had overgelegd die de gewijzigde situatie met een extra vennoot weerspiegelen. Hierdoor was het oordeel van de rechtbank onjuist.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens werd het standpunt van de vreemdeling dat hij gehoord had moeten worden verworpen, omdat de overgelegde stukken niet relevant waren voor de gewijzigde situatie. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.