ECLI:NL:RVS:2018:1286
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- E. Steendijk
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Intrekking wapenverlof wegens niet-naleving opbergvoorschriften en onwaarheid bij controle
De korpschef van politie trok het wapenverlof van [wederpartij] in nadat bij een controle was vastgesteld dat het geladen wapen niet in een kluis lag, dat [wederpartij] niet naar waarheid had verklaard over de aanwezigheid van een wapenkluis en dat de munitie niet volgens voorschriften was opgeborgen. De staatssecretaris handhaafde dit besluit, maar de rechtbank verklaarde het beroep van [wederpartij] gegrond en herroepen het besluit.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte de ernst van de overtredingen heeft onderschat. Het niet naleven van de opbergvoorschriften en het niet volledig en waarheidsgetrouw verklaren tijdens de controle rechtvaardigen het intrekken van het wapenverlof. De Raad stelt dat het bestuursorgaan mag uitgaan van het proces-verbaal en dat de gewijzigde verklaring van [wederpartij] onvoldoende is om het te betwisten.
Verder benadrukt de Raad dat het voorhanden hebben van wapens een bijzondere positie inhoudt waarbij strikte naleving van voorschriften vereist is. Het feit dat het wapen geladen in een onbeheerde auto lag, vormt een reëel risico op misbruik. De Raad vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee het intrekkingsbesluit in stand blijft.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot intrekking van het wapenverlof wordt ongegrond verklaard en het intrekkingsbesluit blijft in stand.