ECLI:NL:RVS:2018:1108
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- W. Sorgdrager
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering omgevingsvergunning verbouwing bedrijfsgebouw tot woonruimte
Appellant heeft omgevingsvergunningen aangevraagd voor het intern verbouwen van een bedrijfsgebouw tot woonruimte en voor het realiseren van studioappartementen. Het college verleende deze vergunningen, maar na bezwaren van omwonenden verklaarde de rechtbank het beroep gegrond en vernietigde de besluiten.
Appellant stelde in hoger beroep dat het bestemmingsplan het wonen in het gehele pand toestaat, ook buiten het bouwvlak, en dat het bestaande pand onder overgangsrecht valt. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bestemmingsplan het gebruik voor woondoeleinden op het gehele perceel toestaat en dat het verbouwen van het bestaande pand tot woonruimtes is toegestaan zonder uitbreiding buiten het bouwvlak.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep van appellant gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van omwonenden ongegrond. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en appellant kreeg het griffierecht terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant is gegrond verklaard en de vergunningen voor verbouwing blijven in stand.