ECLI:NL:RVS:2018:1012
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid asielaanvragen wegens veilig derde land Koeweit
Bij besluiten van 31 mei 2017 verklaarde de staatssecretaris de asielaanvragen van verschillende vreemdelingen niet-ontvankelijk omdat Koeweit als veilig derde land werd beschouwd. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank, die deze besluiten vernietigde en de staatssecretaris opdroeg nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van haar overwegingen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de motivering van de staatssecretaris omtrent Koeweit als veilig derde land niet afweek van een eerdere uitspraak waarin deze motivering als ondeugdelijk werd beoordeeld. Hierdoor kon het hoger beroep niet slagen.
De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdelingen, die geheel toerekenbaar waren aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd openbaar gedaan op 22 maart 2018.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.