ECLI:NL:RVS:2018:1006
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens niet-ontvankelijkheid asielaanvraag in verband met veilig derde land
De staatssecretaris verklaarde de asielaanvraag van de vreemdeling niet-ontvankelijk omdat Koeweit als veilig derde land werd beschouwd. De rechtbank bevestigde dit en wees het beroep af wegens te late indiening. De vreemdeling stelde dat hij onjuist was geïnformeerd over de beroepstermijn, maar dit werd niet als rechtvaardiging geaccepteerd.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat bijzondere omstandigheden, zoals bedoeld in het arrest Bahaddar van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, kunnen maken dat de beroepstermijn niet tegen de vreemdeling mag worden gebruikt. De motivering van de staatssecretaris over Koeweit als veilig derde land was onvoldoende, zoals eerder in een andere uitspraak was vastgesteld.
Daarom oordeelde de Afdeling dat het hoger beroep gegrond is, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verwees de zaak terug voor herbeoordeling met inachtneming van de juiste criteria. Tevens werden de proceskosten vastgesteld en toegewezen aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor nieuwe behandeling.