ECLI:NL:RVS:2017:640
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling na niet-ontvankelijkverklaring verblijfsvergunning
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie verklaarde de aanvraag van de vreemdeling voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk bij besluit van 19 februari 2017. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 8 maart 2017 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De vreemdeling verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen om zijn voorgenomen uitzetting op 12 maart 2017 te voorkomen. Gezien de korte termijn en het feit dat de termijn voor hoger beroep nog niet was verstreken, besloot de voorzieningenrechter bij wijze van ordemaatregel de uitzetting op 12 maart 2017 te schorsen.
Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten die de vreemdeling had gemaakt voor de behandeling van het verzoek tot voorlopige voorziening, een bedrag van €495,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan op 10 maart 2017.
Uitkomst: De voorgenomen uitzetting van de vreemdeling op 12 maart 2017 wordt geschorst en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.