ECLI:NL:RVS:2017:3284
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- B.P. Vermeulen
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake boete Wet arbeid vreemdelingen wegens illegale tewerkstelling
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde aan [appellante] een boete van €16.000 op wegens het laten verrichten van arbeid door twee vreemdelingen zonder geldige tewerkstellingsvergunning in de periode tussen het verlopen van hun vergunningen en het verkrijgen van een gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid (gvva).
De rechtbank Midden-Nederland verklaarde het beroep van [appellante] gegrond, vernietigde het besluit van de minister en herroept de boete. De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelt dat de minister voldoende bewijs heeft geleverd dat de vreemdelingen in de bestreden periodes daadwerkelijk arbeid hebben verricht, ondanks dat de verklaringen van de vreemdelingen niet zijn ondertekend. De nadere verklaringen van de vreemdelingen, waarin zij stellen niet te hebben gewerkt, worden door de Raad niet geloofd vanwege tegenstrijdigheden met salarisspecificaties en eerdere verklaringen.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van [appellante] ongegrond, waarmee de boete van de minister standhoudt. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van [appellante] ongegrond, waardoor de boete van €16.000 standhoudt.