ECLI:NL:RVS:2017:3250
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- B.P.M. van Ravels
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit CBR wegens onvoldoende motivering geweigerde hertest alcoholslot
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het CBR van 4 december 2014 waarbij een geweigerde hertest op 4 juni 2013 aan hem werd toegerekend. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde in een tussenuitspraak dat het CBR onvoldoende had gemotiveerd waarom deze geweigerde hertest niet het gevolg was van het Keyless Go-systeem van de auto en dat het CBR nader onderzoek moest doen naar de juistheid van de verklaring van Dräger over andere geweigerde hertesten.
Het CBR heeft vervolgens een nadere motivering gegeven waarin het stelde dat de geweigerde hertest aan appellant kon worden toegerekend omdat het alcoholslot binnen 12 minuten na verzoek om hertest moest worden afgerond. Appellant voerde aan dat hij mogelijk de auto had verlaten en later terugkeerde, waardoor het systeem de hertest ten onrechte aan hem toerekende.
De Afdeling oordeelde dat het CBR terecht de hertest aan appellant toerekende, gelet op de bronbestanden en eerdere verklaringen van appellant zelf. Echter, het CBR had niet voldaan aan de opdracht om de overige geweigerde hertesten nader te motiveren en te onderzoeken, en had zich onterecht op het standpunt gesteld dat controle praktisch niet mogelijk was.
Daarom vernietigde de Afdeling het besluit van het CBR en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep van appellant gegrond en bepaalde dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. Tevens werd het CBR veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit van het CBR wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en het beroep van appellant wordt gegrond verklaard.