ECLI:NL:RVS:2017:2932
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- F.C.M.A. Michiels
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
CBR weigert verklaring van geschiktheid voor bestuurder met MS en ADHD-medicatie
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) weigerde op 19 november 2015 een verklaring van geschiktheid af te geven aan een bestuurder met Multiple Sclerose (MS) die het medicijn Ritalin gebruikt voor ADHD-achtige verschijnselen gerelateerd aan zijn MS. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van de bestuurder gegrond en herroept het besluit van het CBR.
Het CBR stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze oordeelt dat het gebruik van Ritalin, een psychostimulantium, uitsluitend is toegestaan binnen de Regeling eisen geschiktheid 2000 als het wordt gebruikt voor de behandeling van ADHD, narcolepsie of pathologische hypersomnolentie. De bestuurder gebruikte het medicijn voor ADHD-verschijnselen die samenhangen met MS, wat niet onder de uitzondering valt.
De Afdeling stelt dat de rechtbank ten onrechte de Regeling buiten toepassing heeft gelaten op grond van een exceptieve toetsing. De Afdeling benadrukt dat het aan de regelgever is om belangen af te wegen en dat er geen grond is om de Regeling in dit geval buiten toepassing te laten. Het hoger beroep van het CBR wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de bestuurder ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de bestuurder wordt ongegrond verklaard en het besluit van het CBR tot weigering van de verklaring van geschiktheid blijft in stand.