ECLI:NL:RVS:2017:2277
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J.C. Kranenburg
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen goedkeuring werkplan grondwerkzaamheden Meerstad
Het college van gedeputeerde staten van Groningen heeft op 26 augustus 2016 het werkplan "Grondwerkzaamheden park Tersluis, woongebieden Klein Harkstede en Sluis Oost" goedgekeurd. Hiertegen maakte een zandhandelaar, gevestigd te Gieten, bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde zij beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of de appellant belanghebbende was bij het besluit en of zij procesbelang had. De appellant vreesde dat zand dat in het werkplan werd gewonnen en opgeslagen, buiten het projectgebied Meerstad zou worden afgezet, wat haar concurrentiepositie zou schaden. GEM Meerstad CV stelde dat de appellant geen belanghebbende was omdat zij in een ander marktsegment en verzorgingsgebied werkzaam is.
De Afdeling oordeelde dat de appellant wel belanghebbende is omdat zij in hetzelfde marktsegment (levering van ophoogzand) en mogelijk hetzelfde verzorgingsgebied actief is. Echter, het werkplan voorziet niet in afzet van zand buiten het projectgebied, waardoor het concurrentiebelang van de appellant niet rechtstreeks wordt geraakt. Daarom ontbrak het aan procesbelang en werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en twee leden van de Afdeling bestuursrechtspraak op 23 augustus 2017.
Uitkomst: Het beroep tegen het werkplan is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.