ECLI:NL:RVS:2017:2015
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geslachtsnaamswijziging minderjarige ondanks bezwaar vader
De staatssecretaris heeft op verzoek van de moeder de geslachtsnaam van haar minderjarige zoon gewijzigd van de achternaam van de vader in die van de moeder. De vader maakte bezwaar tegen deze wijziging en stelde dat zijn zoon niet zelf is gehoord en mogelijk niet instemt met de naamswijziging. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en wees het beroep van de vader af. De vader ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het Besluit geslachtsnaamswijziging geen verplichting bevat om minderjarigen jonger dan twaalf jaar te horen of hun instemming te vragen, omdat dit als te belastend wordt beschouwd. De strikte voorwaarden voor naamswijziging bij deze leeftijdsgroep zijn vervuld, waaronder een verzorgingsperiode van ten minste vijf jaar door de verzoekende ouder. Er waren geen aanwijzingen dat de wijziging niet in het belang van het kind was.
De Raad van State bevestigde dat de wijziging geen invloed heeft op de familierechtelijke betrekkingen tussen vader en zoon en dat de zoon, zodra hij meerderjarig is, zelfstandig de oorspronkelijke naam kan terugvragen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de geslachtsnaamswijziging bevestigd.