ECLI:NL:RVS:2017:1219
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- A.W.M. Bijloos
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens hotelmatige verhuur in strijd met Huisvestingswet bevestigd
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde op 18 december 2014 aan appellante sub 1 en appellant sub 2 elk een bestuurlijke boete van €12.000,- op wegens overtreding van artikel 30, eerste lid, onder a, van de Huisvestingswet, door hotelmatige verhuur van woonruimte op de eerste en tweede verdieping van een pand in Amsterdam.
Na bezwaar verklaarde het college de bezwaren ongegrond en bevestigde de rechtbank Amsterdam dit oordeel op 14 maart 2016. Appellante sub 1 en appellant sub 2 stelden hoger beroep in. Het hoger beroep van appellant sub 2 werd niet-ontvankelijk verklaard omdat geen gronden van beroep waren ingediend.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de tweede verdieping van het pand niet als woning werd gebruikt door de ingeschreven persoon, maar hotelmatig werd verhuurd. Het college had voldoende bewijs geleverd, waaronder de inrichting met meerdere bedden, het ontbreken van persoonlijke spullen en inschrijving in de basisregistratie personen, en de aanwezigheid van advertenties op verhuurwebsites. Het betoog van appellante sub 1 dat sprake was van een Bed&Breakfast of dat zij niet wist van de overtreding faalde, mede omdat zij onvoldoende controle had uitgevoerd en bekend was met eerdere overtredingen.
De Afdeling bevestigde het boetebesluit en wees een matiging af. Er was geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant sub 2 is niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep van appellante sub 1 ongegrond; de boetes van €12.000,- zijn bevestigd.