ECLI:NL:RVS:2017:1099
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- N.S.J. Koeman
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning paalmatras wegens onterecht bouwwerkbegrip
Het college van burgemeester en wethouders van Waddinxveen verleende op 1 april 2015 een omgevingsvergunning aan Heijmans Wegen B.V. voor het realiseren van een paalmatras ten behoeve van een brug. Heijmans maakte bezwaar tegen deze vergunning en startte een beroepsprocedure bij de rechtbank Den Haag, die het beroep ongegrond verklaarde. Heijmans stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of de paalmatras een bouwwerk is in de zin van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De rechtbank oordeelde dat dit het geval was, mede vanwege de constructieve samenhang van de materialen. Heijmans betoogde dat de paalmatras geen bouwwerk is, onder meer omdat het geokunststof niet feitelijk aan de paaldeksels is bevestigd en het bouwwerk geen hoogte heeft.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat een paalmatras onderdeel is van de weg en dat een weg geen bouwwerk is. Daarom is de paalmatras ook geen bouwwerk en is een omgevingsvergunning op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, Wabo niet vereist. Het college heeft ten onrechte een vergunning verleend. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, en verklaarde het beroep gegrond.
Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan Heijmans. De uitspraak vervangt het vernietigde besluit en geeft daarmee een duidelijke richtlijn over de vergunningplicht voor paalmatrassen in relatie tot het bouwwerkbegrip.
Uitkomst: De omgevingsvergunning voor de paalmatras wordt vernietigd omdat deze geen bouwwerk is en dus geen vergunningplicht bestaat.