ECLI:NL:RVS:2016:928
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek wijziging persoonsgegevens in basisregistratie personen
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees op 24 februari 2014 het verzoek van appellant tot wijziging van zijn in de basisregistratie personen (brp) geregistreerde persoonsgegevens af. Het bezwaar hiertegen werd eveneens ongegrond verklaard. De rechtbank Rotterdam bevestigde deze afwijzing in haar uitspraak van 13 augustus 2015.
Appellant stelde dat hij aannemelijk had gemaakt dat hij dezelfde persoon was als degene die in de overgelegde documenten werd genoemd en dat het paspoort, als brondocument, hoger in rang stond dan de eerder afgelegde verklaring onder belofte. Tevens voerde hij aan dat hij niet op de hoogte was van de toenmalige regeling die wijziging van persoonsgegevens vergemakkelijkte en dat de rechtbank ten onrechte vasthield aan vaste jurisprudentie.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat onomstotelijk moet vaststaan dat de geregistreerde gegevens onjuist zijn om wijziging toe te staan. De overgelegde documenten konden niet aantonen dat zij op appellant betrekking hadden, en het vingerafdrukonderzoek toonde slechts aan dat appellant dezelfde persoon was als degene van wie eerder vingerafdrukken waren genomen, niet dat hij de betrokkene in de documenten was. Ook de discrepanties in de documenten en verklaringen van appellant werden meegewogen. Het beroep op een belangenafweging of het gelijkheidsbeginsel faalde vanwege het gesloten systeem van de Wet brp. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot wijziging van persoonsgegevens bevestigd.