ECLI:NL:RVS:2016:92
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- G.T.J.M. Jurgens
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verwijderen bouwwerken en erfafscheidingen op perceel te Utrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht heeft appellant onder dwangsom verplicht twee houten bijbehorende bouwwerken en erfafscheidingen op zijn perceel te verwijderen, omdat deze zonder vereiste omgevingsvergunning zijn geplaatst. Appellant voerde aan dat de bouwwerken en erfafscheidingen omgevingsvergunningvrij zouden zijn en dat het college ten onrechte handhavend optrad. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde het handhavingsbesluit.
Appellant stelde in hoger beroep dat de bestemming van het perceel verkeerd was vastgesteld, dat de erfafscheidingen vergunningvrij zijn, en dat er concreet zicht op legalisering bestaat. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de bouwwerken deels op gronden met bestemming 'Recreatie' liggen en niet vergunningvrij zijn. De hoge erfafscheiding overschrijdt de toegestane hoogte inclusief staanders en uitstekende delen zijn niet van ondergeschikte aard.
Verder is het zwembadgebouw en het kleine gebouw niet gelegen in het achtererfgebied en derhalve niet vergunningvrij. Het college mocht handhavend optreden omdat geen concreet zicht op legalisering bestaat. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat vergelijkbare situaties niet aanwezig zijn. De begunstigingstermijn was toereikend en de invordering van dwangsommen is rechtmatig. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.