ECLI:NL:RVS:2016:599
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- M. Vlasblom
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Vernietiging huisverbod wegens onbevoegdheid burgemeester bij niet-inwonende ex-partner
De burgemeester van Enschede legde op 8 maart 2015 een huisverbod op aan appellant met betrekking tot de woning van zijn ex-partner, wegens een incident waarbij appellant spullen vernielde en er gevaar werd geacht voor de ex-partner en hun zoon. Het huisverbod werd verlengd tot 5 april 2015. Appellant stelde dat hij niet in de woning woonde en dat het huisverbod daarom onrechtmatig was.
De voorzieningenrechter verklaarde de beroepen van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat een huisverbod alleen kan worden opgelegd aan personen die in de woning wonen of gedeeltelijk wonen. Uit de feiten bleek dat appellant sinds augustus 2014 niet meer in de woning woonde en ook niet gedeeltelijk woonde.
Daarom was de burgemeester niet bevoegd het huisverbod op te leggen of te verlengen. De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraken van de voorzieningenrechter en de besluiten van de burgemeester en veroordeelde de burgemeester tot vergoeding van de proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het huisverbod opgelegd aan appellant wordt vernietigd wegens onbevoegdheid van de burgemeester.