ECLI:NL:RVS:2016:560
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- B.P. Vermeulen
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoeken tot correctie politiegegevens op grond van de Wet politiegegevens
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant, waarin het beroep tegen het besluit van de korpschef om verzoeken tot correctie van politiegegevens af te wijzen, ongegrond werd verklaard.
Appellant stelde dat de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg) in plaats van de Wet politiegegevens (Wpg) van toepassing was en dat het correctierecht ruimer moest worden uitgelegd conform het EU-Handvest en jurisprudentie van het Hof van Justitie van de EU. De Raad van State oordeelde dat zowel de Wpg als de Wjsg van toepassing zijn op politiegegevens in strafdossiers en dat de korpschef terecht op grond van artikel 28 Wpg Pro heeft beslist.
Verder werd geoordeeld dat het correctierecht niet ziet op meningen of conclusies, maar op feitelijke onjuistheden, die appellant niet aannemelijk had gemaakt. De korpschef hoefde de juistheid van de gegevens niet te bewijzen. Het verzoek tot correctie van het proces-verbaal van aanhouding werd eveneens afgewezen omdat appellant de onjuistheid niet aannemelijk had gemaakt.
De Raad van State zag geen aanleiding tot prejudiciële vragen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de afwijzing van de verzoeken tot correctie van politiegegevens.