ECLI:NL:RVS:2016:472
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen plaatsingsplan ondergrondse restafvalcontainers in Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag stelde op 26 mei 2015 een plaatsingsplan vast voor ondergrondse restafvalcontainers (ORAC's) in de wijk Bohemen-Meer en Bos. Appellant en anderen stelden beroep in tegen dit besluit. De Raad van State oordeelde dat het beroep van anderen dan appellant niet-ontvankelijk was wegens het niet indienen van zienswijzen tijdens de ontwerpperiode.
Appellant voerde aan dat het college onvoldoende rekening had gehouden met geluidsoverlast en de toegankelijkheid van een nabijgelegen flatgebouw. Het college stelde dat de containers voorzien zijn van geluidsdempers en dat de locatie voldoet aan de randvoorwaarden, waaronder minimale geluidshinder en bereikbaarheid voor hulpdiensten. De Raad van State vond deze motivering voldoende en aannemelijk.
Verder stelde appellant dat alternatieve locaties geschikter zouden zijn. Het college wees deze af omdat deze locaties langs een wijkontsluitingsweg liggen, wat niet voldoet aan de randvoorwaarden voor verkeersveiligheid. De Raad van State vond dat het college dit in redelijkheid kon doen.
De Raad van State verklaarde het beroep van anderen dan appellant niet-ontvankelijk en het beroep van appellant ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk voor anderen dan appellant en ongegrond voor appellant.