ECLI:NL:RVS:2016:426
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking verblijfsvergunning asiel en inreisverbod na ambtsbericht
De staatssecretaris heeft op 4 november 2013 de verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd van de vreemdeling ingetrokken en een inreisverbod uitgevaardigd. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die het beroep tegen de intrekking niet-ontvankelijk verklaarde en het beroep tegen het inreisverbod ongegrond verklaarde.
De vreemdeling ging hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Hij betwistte de juistheid en volledigheid van het aan het besluit ten grondslag liggende ambtsbericht, onder meer omdat volgens hem ontlastende verklaringen niet waren betrokken. De Afdeling heeft de relevante stukken opgevraagd bij de minister van Buitenlandse Zaken, maar vanwege gewichtige redenen mocht slechts beperkt kennis worden genomen van deze stukken.
De vreemdeling weigerde toestemming te geven voor volledige kennisneming, waardoor de Afdeling niet kon beoordelen of de rechtbank terecht had geoordeeld dat er geen concrete aanknopingspunten waren om aan het ambtsbericht te twijfelen. Dit leidde tot het falen van de grieven en de bevestiging van de uitspraak van de rechtbank. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de verblijfsvergunning asiel en het inreisverbod worden bevestigd; het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.